De leukste bericht deze week vond ik ‘Burgemeesters: ‘Politiek bestel moet op de schop’, een interview met de burgemeester van Vlaardingen. Hij stelt dat het ‘Code Oranje‘ is voor de democratie en wil wat doen aan onvrede en wantrouwen. Bijvoorbeeld door ruimte te maken voor ideeën van burgers door burgertoppen te organiseren. Prachtig initiatief natuurlijk, maar ik vraag me af of het uitvoerbaar is. Want waar de burger ruimte krijgt, zal de overheid een stapje terug moeten zetten. Letterlijk.

Wanneer een burgerinitiatief wordt ‘overlopen‘ door ambtenaren die komen ‘ophalen‘ dan schept dat geen vertrouwen. En wanneer ambtenaren critische geluiden met een scheve grijns  beantwoorden en dan zeggen ‘maar het moet wel constructief blijven‘ nog voordat je in gesprek bent geeft dat ook geen fijn gevoel. En dan de politiek. Ook dat lijkt een onneembare vesting te zijn voor de gewone burger. Wanneer critische geluiden van de straat niet meer worden gehoord vanwege vooroordelen of omdat ze niet passen in de lijn van politieke afspraken, waar is dan de democratie gebleven?

Het is inderdaad Code Oranje voor de democratie. Ik ben blij dat dit wordt gezien. Eind augustus schreef ik onderstaand pleidooi voor ruimte en veiligheid voor burgerinitiateven. Omdat ik me niet veilig voel en geen ruimte kreeg heb ik toen afgezien van publicatie. Is dit het juiste moment?

Pleidooi voor Ruimte en veiligheid voor burgerinitiatieven

Iedereen moet de kans krijgen om zelfredzaam bestaan op te bouwen. Vanwege allerlei regels,  gebrek aan financiële ruimte of door persoonlijke beperkingen is dat niet altijd mogelijk. De ruimte voor deze mensen om vanuit een klein initiatief toch een zelfredzaam bestaan op te bouwen is klein. Het nemen van een burgerinitiatief, al dan niet gefaciliteerd door de overheid is voor de meeste mensen wel een neembare stap. Zo’n burgerlijk initiatief loopt vervolgens alsnog tegen allerlei problemen aan. Hoe kan er meer ruimte voor zulke initiatieven worden gecreëerd?

Binnen het huidige beleid is er weinig ruimte om burgelijk initiatief te ondersteunen. Er zijn maar beperkte budgetten beschikbaar en vaak worden initiatieven ook nog eens beoordeeld aan de hand van kaders die zijn vastgesteld in beleid. Er ontstaat een situatie waarin initiatief met een politieke en financiële bril op wordt getoetst. Nog voordat er daadwerkelijk met een deskundige bril naar de inhoud is gekeken.

Door burgerlijk initiatief op die manier te toetsen wordt het initiatief en de initiatiefnemer geweld aan gedaan. Want deze beoordelingswijze sluit onbewust mensen en initiatieven uit die niet aan de eisen kunnen voldoen. Of mensen en  initiatieven worden gestimuleerd hun initiatief zo aan te passen dat het wel aan de eisen voldoet. Op die manier wordt in feite de ruimte voor initiatief ingeperkt.

Ik zou het nog scherper willen stellen: op het moment dat een burgerlijk initiatief in aanraking komt met het politieke systeem, is de burger niet meer veilig. Er gaan dan namelijk allerlei belangen spelen waar de burger helemaal niks mee te maken heeft, misschien zelfs helemaal geen notie van heeft. Wanneer een burgerlijk initiatief dan toevallig een gevoelige snaar raakt komt de burger onbedoeld en ongewapend midden in het politieke speelveld te staan. Niet iedere burger kan daar tegen en kan zich daartegen verweren.

Het gevolg is dat een misschien wel heel goed initiatief of idee vroegtijdig uitdooft. Niet doordat de energie uit het idee of initiatief is. Maar omdat de initiatiefnemer(s) bezwijken onder de druk die uitgaat van de politieke spelers in het spel. Kortom: het ‘burgerinitiatiefnemersklimaat’ dat momenteel heerst op zowel lokale, regionale en landelijke schaal is ongunstig. Zelfs onveilig zou ik willen stellen.

Op het moment dat burgers in de tandwielen van het politieke systeem belanden gaat het echt goed fout. Initiatiefnemers kunnen bijvoorbeeld niet vanuit eigen overtuiging en in vrijheid een initiatief nemen, waardoor nieuwe ideeën, inzichten en meningen vroegtijdig worden ingekapseld. Dit is in strijd met het gelijkheidsbeginsel, Artikel 1 van de grondwet. Ook kan een initiatief genomen worden vanuit een bepaalde intentie, zoals werkervaring opdoen, als persoonlijk re-integratieproject, als opstap naar financiële zelfredzaamheid of gewoon om iets toe te voegen aan de eigen omgeving of voor de publieke zaak. Het inkapselen van een initiatief zet zo een rem op persoonlijke en economische ontwikkeling.

Ik zou er voor willen pleiten dat burgerlijke initiatieven op een andere manier beoordeeld gaan worden en dat daarvoor veel meer financiële ruimte wordt gecreëerd. Op die manier krijgt iedereen even veel kans in de kantelende samenleving. Het is ook een investering in de persoonlijke ontwikkeling van mensen en in de economie.

Toelichting

Het woord ‘burgerinitiatief’ wordt vaak als argument gebruikt om betrokken burgers af te wijzen op basis van een te klein aantal medestanders. Dit is een foute benadering, omdat een burgerinitiatief niet per definitie een politiek initiatief is. Dat argument is dan ook niet geldig. Daarom gebruik ik bewust het woord “Burgerlijk initiatief”. Elk initiatief, klein en groot, zou door de overheid op gelijkwaardige wijze op inhoud moeten worden getoetst.

Links

Leave a Reply