Het landschap houdt niet op aan de randen van de stad. Als je de waarde en functie van het natuurlijke landschap in de stad te herkent en erkent, blijken de kansen voor het oprapen te liggen. Het landschap vertelt het verhaal van de stad, is dat gene waarin een stad uniek is, het imago kan zijn.

  • Cultuur en natuurhistorie verbindt: door deze in het stedelijk landschap te koesteren of terug te brengen onstaat een nieuw stedelijk landschap waarin mensen zich weer zullen herkennen. Er wordt wel eens gezegd dat een stad zonder geschiedenis een stad zonder ziel is. Dat klopt. Geef de stad haar ziel terug en mensen zullen meer om haar gaan geven. Hier ligt een kans voor natuur, cultuur en de toenemende bereidheid daar een steentje aan bij te dragen.
  • Ecosysteemdiensten maken gezond: Elke twintig jaar bomen en struiken vervangen omdat ze ziek zijn of in verval raken. Vaak zijn het excoten die in de openbare ruimte staan die geen overlast geven, maar van nature ook niet in het landschap thuis horen. Geen afvallend blad, geen rottende vruchten of wolken stuifmeel. Deze exoten zijn niet aangepast aan ons klimaat en zijn niet aantrekkelijk voor natuurlijke vijanden van ziektes en plagen. Groen van hier, dus inheemse en autochtone bomen en struiken, verhoogt de biodiversiteit en zorgt voor een aantrekkingskracht op deze ziekte en plaagbestrijders. Het groen gaat zo veel langer mee omdat ze vitaal is. Ook landschapselementen kunnen deel uit maken van zo’n vitaal systeem.
  • Landschap maakt klimaatbestendig: het natuurlijke landschap heeft door duizenden schommelende weersinvloeden oplossingen voor klimaatproblemen in zich zitten. Door het leggen van dijken, rechttrekken en overkluizen van beken en intensief bodemgebruik zijn deze natuurlijke oplossingen buiten gebruik geraakt. Het effect zien we terug in wateroverlast, uitputting en verschraling. Zowel in de stad als daarbuiten liggen deze kansen voor klimaatadaptatie te wachten om weer in gebruik genomen te worden.
  • Leefbaarheid is goed voor de economie: Een stad met veel water en groen wordt als prettiger ervaren. Het leefgenot is hoger, mensen voelen zich veiliger, huizenprijzen stijgen en zelfs leer en werkprestaties zijn hoger. Bomen zorgen voor verkoeling tijdens warme dagen, grazige weiden absorberen regenwater. Kortom: een levende stad is een leefbare stad.